• Koen Vandenborre

Pleidooi voor een berg

Kessel-Lo, 11 maart 2022


Dag Joost


Terwijl de zoveelste machiavellist zijn plaats in de geschiedenisboeken probeert te verzekeren door kleuterscholen en kinderziekenhuizen te bombarderen, probeer ik je een brief te schrijven. Het valt me moeilijk. Maar woorden doen er meer dan ooit toe, dat maakte George Orwell al duidelijk in zijn geniale (ja, voor een keer mag het) roman 1984. Hij bedacht een term voor wat Vladimort Poetin als een grootmeester beheerst: Newspeak. Daarom geen brief deze keer, wel een speciale communicatie operatie. Hier komt het –


We zouden er bijna vanaf zijn. Dat wordt ons vertelt door mensen die gestudeerd hebben; of het ook klopt zal moeten blijken. We zijn hoopvol! Dat wel. Eindelijk! Eindelijk, kunnen we terug naar het leven van weleer. – Prachtig woord weleer, wat ouderwets, wie gebruikt het nog? Een woord dat ‘verleden’ betekent en tot het verleden behoort, taal kan ongewild poëtisch zijn. – Nu moet ik met enige schroom bekennen dat ik niet goed weet wat precies er “weleer” zoal gebeurde dat ik nu terug moet opstarten om aansluiting te vinden bij het “oude normaal”. Goed, die vervelende mondmaskers kunnen achterwege en die deprimerende statistieken elke dag in Het Journaal mogen op de schop. Maar verder? –


Dát ik er zo over denk, zegt ongetwijfeld meer over mijn ingedommeld en geprivilegieerd bestaan, dan over de wereld daarbuiten. Natuurlijk (en gelukkig) zal het leven eindelijk weer ten volle geproefd kunnen worden door de jeugd en zal de ophokplicht van de ouden van dagen worden opgeheven. Ongetwijfeld zal bij iedereen die de bruisende samenleving omarmt en bedient, een collectieve zucht ontsnappen die tot aan de Oeral hoorbaar is (een zucht van verlichting slaken die ongehinderd de Russische grens oversteekt en de dichtgetimmerde geesten verlost van hun waanideeën, was het maar zo eenvoudig.)


Dat het deze keer menens is met de herwonnen vrijheid, kunnen we ook afleiden uit ander gedrag. Zo worden mondmaskers steeds vaker “baggy” onder de neus of op de kin gedragen. ‘Afzakken’ als fashion statement, dat moet geleden zijn van de tijd dat hiphoppers en skaters hun broek lieten zaken tot onder hun kont om met hun ondergoed te pronken.


Bezoekers van winkels negeren de alcoholgelverdelers aan de ingang en wie er toch naar grijpt, staat vaak in droge handen te wrijven. Zelfs Viruswaarheid – de niet-zo-prettig gestoorde actiegroep van dansleraar Willem Engel des Doods – heeft het geweer van schouder veranderd. Vanaf nu gaan ze de propaganda van Vladimort Poetin uitdragen. Willem Engel des Doods schaart zich principieel aan de kant van de alternatieve waarheid, wat de vrije pers verkondigt, kan en wil hij niet voor waar aannemen, dat die olijke nonkel Vlad niet het beste zou voor hebben met zijn Oekraïense broeders en zusters kan er bij hem blijkbaar niet in. – Ik heb zo mijn twijfels bij die uitleg. De keuze van dhr. W. Engel des Doods voor deze nieuwe onvrede lijkt me eerder ingegeven door budgettaire overwegingen. Mogelijk is hij nog lang niet door zijn voorraad promopetjes en T-shirts heen, en van VIRUSWAARHEID is nu eenmaal makkelijker RUSLANDWAARHEID te maken dan pakweg UKRAINIAN LIVES MATTER. Dat scheelt alweer een hoop plakletters.


Gelukkig wordt er ook nog opgewekt nieuws gedrukt. Zo lees ik in het betere dagblad dat de uitgeputte burger na jaren van schaarste, massaal op zoek gaat naar de perfecte vakantie, en het mag deze keer iets kosten. Een vakantiebestemming kiezen, het is een jaarlijks terugkerende fenomeen dat menig huishouden onder hoogspanning zet. De zee, of toch maar de bergen? Op avontuur, of op een handdoek aan het zwembad? Een kleine greep uit een arsenaal aan vakantiedilemma’s.

Wat ben jij Joost? Een zeemens of een bergmens?


De zee, dat eindeloos blauw laken, afgezoomd met schuimkoppen, dat door de kusten beurtelings naar zich toe wordt getrokken, die rollende ruisende soundtrack die eeuwig op repeat staat, dat voortdurend veranderende canvas waartegen de zon als een jojo klimt en daalt … Ja, ik kan er van genieten. Ik begrijp ze best, de zeemensen … en toch, voor mij zijn het de bergen. Majestueus, grillig en puur. Alleen in de bergen kan klein zijn groots aanvoelen; krijg ik met elke stijgende meter meer zin om I’m King of the World te roepen. Op de zee voel ik toch vooral oerangst naarmate de landstrook uit het zicht verdwijnt. De zee slokt op, in het beste geval spuwt ze je als een gezwollen krabcocktail uit op het strand. De Duitse schrijver Thomas Mann stuurt zijn hoofdpersonage Hans Castorp de Zwitserse Alpen in voor een bezoek van drie weken aan een sanatorium. – [Spoiler alert] – Hans Castorp zal er maar liefst zeven jaar blijven. Dat zie ik zo snel nog niet gebeuren aan zee. Voor de mens is de zee toch altijd meer drama dan innerlijke rust. In de bergen jaagt niemand op Moby Dick.

Ik beken, Joost, ik ben wat vooringenomen, mijn herinnering aan het berglandschap is nog zeer vers. Vorige week verbleef ik in Oostenrijk tussen besneeuwde Alpentoppen. Op ski’s tussen naaldbomen glijden met de wind als snelheidsmeter in je oren, deel van de ansichtkaart worden en de eeuwigheid van het uitzicht inademen wanneer de zon in de gekartelde horizon bijt … Nu goed, misschien stel ik het allemaal wat te idyllisch voor, het is immers niet al peis en vree tijdens zo’n skitrip. Sneeuwkettingen zijn een gedoe wanneer je de eindpiek ziet liggen, maar geen meter verder komt. Naar het hotel wandelen met skischoenen die speciaal ontworpen zijn om vooral niet te wandelen is ook niet echt een pretje. En op een kabelbaan een cabine delen met een half dozijn gehelmde onbekenden in schreeuwerige outfits, vaak met een al even schreeuwerig Hollands tongval, mag je gerust een sociaal experiment noemen.


Rond 5 PM wanneer we de skischoenen op verwarmde buizen hadden geschoven en onze ski’s hadden opgeborgen zoals een jager voldaan zijn tweeloop na een vermoeiende dag boven de haard hangt, nadat we de goden hadden bedankt voor het behoud van lijf en leden, en het bierschuim of de Glühwein aan onze lippen stond, zwol over berg en doorheen dal de sirene aan als teken dat de pistes leeg waren en de sneeuwkatten hun egaliserend ballet konden aanvangen. – Er viel op dat ogenblik een merkwaardige stilte, er was geen mens, die niet met afschuw en schaamte dacht aan datzelfde klagende geluid dat meermaals per dag crescendo ging om een nog veel egaliserender ballet aan te kondigen – niet eens zo heel ver daar vandaan.


Blauw-gele groeten

Koen



Vind je deze blog leuk? Geef hem onderaan een hartje! Delen op Facebook of Twitter kan ook: klik op de knop linksonder en klaar.


2022, 28 februari, Zell am See (Oostenrijk). Foto: Kat Lauwers.


Meer van Koen: www.koenvandeborre.be en op IG (@koenvdborre).

27 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven