• Joost Elli

De catch-22 van de verslavingszorg

Een grote ontwenningskliniek pocht dat ze een op drie patiënten nooit meer terugziet. Misschien drinken ze zich dood. In een fabriek halen ze een product dat slechts in drieëndertig procent van de gevallen goed van de band rolt onmiddellijk uit roulatie.


Nochtans is ophouden met drinken eenvoudig: is de verslaafde ervan overtuigd dat hij beter stopt dan zal hij dat simpelweg doen. Blijvend en zonder enige moeite. Dat impliceert verslaving niet als ziekte te zien. En net daar knelt het schoentje.


Mijn vriend Stijn kan zich na vijf ontwenningsopnames nog steeds geen leven zonder alcohol inbeelden. Hij hervalt telkens weer. Hij stopt intussen wel als de drinkellende te groot wordt: problemen met ongewettigde werkafwezigheden, ontwaken in een politiecel of als verdwaalde treinreiziger stranden in Eupen … een mens wordt dat beu. Hij leerde enkel thuis nog te drinken. In feite heeft hij dus niets geleerd.


Na een paar droge maanden is alle miserie vergeten en voelt hij zich sterk genoeg om opnieuw één glas te drinken. “Het enige glas dat je moet vermijden is het eerste,” klinkt het bij de AA (Anonieme Alcoholisten). Een open deur. Toch doet hij het weer en hij weet hoe het eindigt. In zijn hoofd blijft alcohol lekker. Waarom dat eerste glas laten lastig is, is niet aan de orde. Alcoholisme is immers een ziekte, heet het. Ongeneeslijk. Ermee leren leven lijkt de enige mogelijkheid. Het is zowat de minst benijdenswaardige positie waarin een mens zich kan bevinden. Overleven op wilskracht. Zo wordt de verslaafde die faalt een loser. Weer een deuk erbij.


Ikzelf drink al jaren niets meer. Dat kost me geen moeite want ik wéét dat het slecht voor me is. Ik hield geen maat. Anderen ontsnappen aan de sleur met internetten, tinderen, zappen of netflixen. Wat je ermee probeert te voorkomen, pijn verzachten of niet-voelen, wordt alleen maar erger.

Ik heb geen zin om de helft van mijn tijd in de zetel te hangen. Dat ondervond ik zelf. Niemand praatte mij het aan. Dat komt omdat ik graag bezig ben met wat ik graag doe. En omdat ik weet wat ik graag doe. Alcohol fnuikt elk enthousiasme. Een vrolijke frans word ik nooit. Maar ik leef wel graag.

Meer nog dan geluk als doel op zich heeft het te maken met het streven ernaar: eudaimonia volgens Aristoteles. Scott Adams* houdt het simpeler: “Geluk is doen wat je graag doet, wanneer je het graag doet.” Nogal wat mensen weten met dat eerste geen blijf. De Amerikaanse auteur Steven Pressfield schrijft in Do The Work**: “Als Arnold Schwarzenegger de laatste man op aarde was, ging hij naar de gym. Stevie Wonder speelt piano.” Wout van Aert fietst, Dancing Dimi dart. Dat dus. Ik pruts aan wat aan teksten. Je dag zin geven vind je meestal niet in netflixen of youtuben. Daar gaat het in de verslavingszorg te weinig over. Talentcoaches zouden hierin een cruciale rol kunnen spelen.


Op eigen houtje stoppen lukte Stijn niet. Hij liet zich dan - op aandringen van zijn familie - toch weer opnemen, in een privé-instelling ditmaal. Daar moest hij een zogenaamde schuldbrief schrijven. Hij kreeg opnieuw te horen dat alcohol een ziekte is, waar hij niet aan kon doen, maar hij werd niettemin geacht vergiffenis te vragen aan zijn dierbaren voor de toegebrachte schade. Ze duwden hem zonder mededogen nog wat dieper in de put.

Ik heb die brief geweigerd. Ik trek me zijn lot aan uit liefde. Mocht ik nog maar vermoeden dat hij liever verslaafd was dan nuchter zou ik hem niet helpen. Hij is mij geen enkele dank verschuldigd. Dat is wat vrienden doen. Radeloze mensen een geweten schoppen is decadent.


Niettemin krijgen deze peperdure initiatieven ruime media-aandacht en worden ze voorgesteld als referentie-afkickcentra. De minder kapitaalkrachtige alcoholist kijkt het met lede ogen aan. Cathérine Moerkerke ging er langs voor haar reeks Moerkerke en de vrouwen. En meer recent, in Achter de feiten, op Radio 1, werd Vanessa Laureyssen van Action on Addiction als experte geïnterviewd, nadat het duidingsprogramma Koppen er eerder al een hele uitzending aan besteedde. Dat soort journalistiek is eenzijdig, misleidend en bovendien schadelijk.


Na het ontslag van Stijn duurde het dan ook niet lang vooraleer hij zich opnieuw in de drank verloor. Erger dan ooit en ronduit gevaarlijk. Het enige waartoe hij bereid was, was een heropname in de privékliniek. Wellicht wist hij dat hij daar met rust werd gelaten. Ze lieten het zich daar geen twee keer vragen en kwamen hem met plezier zelfs weer vanuit het verre Antwerpen oppikken. Ze hebben er geen wachtlijsten. Waarna alles herbegon.


Ik zag hem steeds minder omdat de terugvallen steeds erger werden. Ik voelde mij machteloos. Hij bleef bij mij langskomen, de enige voorwaarde die ik stelde was dat hij nuchter op de afspraak verscheen. Dat kon hij lange tijd prima, ik wist wel hoe de avond na zijn vertrek bij hem thuis zou eindigen, maar dat was zijn keuze. We zijn altijd erg loyaal naar elkaar geweest en hij hield zich uitstekend aan mijn voorwaarde. Totdat hij te ver was afgegleden en ook dat niet meer kon opbrengen. Dat is het punt waarop familie en vrienden breken. Wat niemand hen kan kwalijk nemen.


Wat de opnames dus trachtten te voorkomen maakte het nog erger. Er restte hem niks anders dan ze gelijk te geven: zelfs deskundigen konden hem niet helpen, en zat er niks anders op zich bij zijn lot van alcoholist neer te leggen en de pijn te verdrinken.


We bleven elkaar geregeld bellen, elke week. Tot ook dat moeilijker werd. Op een moment geef je op. En respecteer je zijn keuze. Hoewel dat verkeerd is uitgedrukt. Ik geloof niet dat er mensen zijn die ervoor kiezen zich dood te drinken. We hadden maanden geen contact. Dat doet pijn.


Op een ochtend kreeg ik een sms: “Ik heb u dringend nodig, ik heb iets stoms gedaan.” Hij had zijn polsen doorgesneden. Hij belde in paniek een ambulance en kwam terecht op EPSI, de Eenheid voor Psychiatrische Spoed Interventie. Daar kon hij enkele dagen opknappen waarna hij onverrichter zake weer naar huis werd gestuurd. Ook dat is het grote Gasthuisberg …


Via de privékliniek schreef hij zich in voor een ontwenning op verplaatsing, in Zuid-Afrika. Andermaal een maat voor niets. Hij keerde terug, een paar tienduizend euro lichter, en begon gewoon opnieuw met drinken.


Zo modderen we dus al twee decennia aan. Wat eigenlijk moet gebeuren is de oorzaak van de drankzucht aanpakken, of op zijn minst proberen te achterhalen. Maar de oorzaak kennen wil nog niet zeggen dat de patiënt er ook wat wil aan doen. Dat is een veelgemaakte fout in de psychiatrie. Meestal weet de patiënt wel wat er moet veranderen, alleen komt hij daar niet toe. Het alleen maar houden bij diagnostisering levert niets op. Op die manier kan je jezelf een rad voor ogen draaien, jarenlang, met appreciatie van omgeving en werkgever. Zonder dat het ooit verandering brengt.


Stijn meldde zich op mijn vraag aan op de (inmiddels opgedoekte) dienst Angst en Depressie van het UZ Leuven. Hij maakte er de fout tijdens het intakegesprek eerlijk te zijn over zijn alcoholproblematiek. Daar moest hij eerst maar eens werk van maken. Mocht hij daar geen probleem mee hebben, had hij zich natuurlijk niet aangemeld. Dit is de toppsychiatrie, mensen, zoals bedreven in een van Europa’s beroemdste ziekenhuizen.


Onlangs kende hij zijn zoveelste terugval. Hij weet het soms verbazend lang vol te houden, puur op wilskracht. En dat is de val. Op een dag is de wilskracht op. Gelukkig weet hij zich omwille van zijn job telkens weer te redden. Het is afwachten hoe dàt evolueert wanneer hij met pensioen is. Enkel de angst om zijn inkomen te verliezen houdt hem overeind.


Mijn redding vond ik bij Jan Geurtz*** en Allen Carr****. Twee boekjes, samen om en bij de 50 euro. Ze maken van de reguliere verslavingszorg brandhout. Ik las ze meermaals en nu nog.

Rest de vraag waarom Stijn die boeken niet gewoon leest. Een van de belangrijkste redenen om niet te stoppen is dat hij bang is om te stoppen, het leven tegemoet te zien. En daarvoor moet hij dus zijn angsten aanpakken. Daar zou een angstbehandeling bij kunnen helpen. Maar dan moet hij dus eerst stoppen. Maar daar is hij te bang voor.


Vind je deze blog leuk? Geef hem onderaan een hartje!


Deze blog delen op Facebook of Twitter? Kinderspel: klik op de knop linksonder en klaar. Een comment op de sociale media toevoegen is ook altijd leuk.

2021, 9 april, Leuven (Sint-Donatuspark, Vernieuwde stadsmuur van Leuven) (België). Foto: Bart Cloots.


Zoek je een goede talentcoach? Talentvol Leven van Kristof Bliki en Straal van Leen Doms zijn prima keuzes.


Boeken (lees er ook meer over in de boekenlijst op deze site):

* How to Fail at Almost Everything and Still Win Big (Scott Adams), © 2014 Penguin Putnam Inc. (ook als Engelstalig luisterboek verkrijgbaar, gelezen door de auteur).

** Do The Work: overcome Resistance and Get Out of Your Own Way (Steven Pressfield), © maart 2015 Black Irish Entertainment LLC FOK (ook als Engelstalig luisterboek verkrijgbaar, gelezen door de auteur).

*** De verslaving voorbij: Nieuwe methode zonder ontwenningsverschijnselen. Over alle eigentijdse vormen van verslaving of dwangmatigheid (Jan Geurtz), © oktober 2001 Ambo (ook als luisterboek verkrijgbaar, uitsluitend via jangeurtz.nl).

**** Stoppen met alcohol: gezond en fit zonder drank (Allen Carr), © juni 2019 Boekerij (ook als Engelstalig luisterboek verkrijgbaar onder de titel The Easy Way to Control Alcohol).


Audio en video:

Cathérine Moerkerke bezoekt de privé-kliniek Affect2U in Moerkerke en de vrouwen, te herbekijken op Vimeo.

Vanessa Laureyssen van de privé-kliniek Action on Addiction in gesprek met Karolien Debecker in Achter de feiten (2020) op Radio 1 luister je hier. Ook het duidingsprogramma Koppen ging er eerder (in 2015) op bezoek: bekijk de reportage hier op YouTube.


Met dank aan Koen Vandenborre.


72 weergaven

Gerelateerde posts

Alles weergeven

Jean Paravent