De schoonheidsdans der dwazen
- Joost Elli

- 2 dagen geleden
- 3 minuten om te lezen
Disclaimer: dit is geen pleidooi voor de oude dictatuur.
Voor mooie mensen is het feest. De hitte levert fraaie plaatjes op. Aan de andere kant van het spectrum: zij die het minder evident vinden met hun vleeswaren te koop te lopen. Warme dagen zijn altijd een splijtzwam: voor de één een catwalk, voor de ander een beproeving. Ook voor de toeschouwer. Die vreest de normvervaging. Het moet er allemaal een beetje verzorgd blijven uitzien. Geen Hair-toestanden. Tijdens mijn opleiding verpleegkunde waarschuwde een verloskundige mij: de meeste mensen zijn mooier met kleren aan. Bij warm weer zie je dat in de stad bevestigd. Soms ben ik daar blij om. Het houdt de voetjes op de grond.
Blootgeven, in de letterlijke zin, blijft voor de vrijdenkende westerling spannend. Er zit steevast een oordeel achter. Andere culturen, in tegenstelling tot wat hun strenge regimes zouden laten vermoeden, worstelen er minder mee. Er heerst niet zelden een bevrijdende losbandigheid, volstrekt los van seksualiteit. Zo leerde ik onlangs over de Freikörperkultur, in de voormalige communistische DDR. De alomtegenwoordige naaktheid was er geen statement: door samen naakt te zonnen, te zwemmen en te ontspannen met familie en vrienden was het iets volstrekt normaal. Dat banaliseerde het lichaam. En precies dat had een bevrijdend effect. Door die vanzelfsprekendheid, gevoed door het socialistisch gelijkheidsideaal, verdween meteen ook de nadruk op het perfecte lichaam. Juist door diversiteit zichtbaar te maken, normaliseerde de Freikörperkultur het lichaam.
Er valt over veel van die regimes, ook vandaag nog, van alles te zeggen, maar niet dat ze gebukt gaan onder het juk van een alomtegenwoordig schoonheidsideaal. Tenminste: zolang ze gespaard blijven van de toegang tot televisie en internet. Want stilaan worden door de culturele homogenisering anorexia nervosa, boulimia nervosa en binge-eating wereldwijd vastgesteld. De prevalentie is lager dan in westerse landen, maar het verschil wordt kleiner.
De sociale media doen precies het omgekeerde van de Freikörperkultur. Ze reduceren schoonheid tot een algoritmische checklist. Met als gevolg dat de idealen alleen maar uniformer worden. En extremer. Het resultaat is dat het ons kennelijk hypergevoelig maakt voor de verschillen die er nu eenmaal tussen mensen zijn. Het treft ons tot in de intiemste delen van ons lichaam.
Of tenminste: het is wat cashende content creators ons willen laten geloven. Zo ging het onlangs in het programma Spuiten & Slikken (overigens gewoon te bekijken op de Nederlandse buis) over de groeiende onzekerheid rond de vulva. Met als gevolg een enorme toename van het aantal schaamlipcorrecties. De makers trokken de straat op met illustraties van heel verschillende vagina’s, om eens te kijken wat daar nu feitelijk allemaal van aan was. De meeste voorbijgangers hadden geen uitgesproken voorkeur. Ze vonden de verschillen niet meer dan normaal, of gaven aan dat het uiterlijk hen nauwelijks iets uitmaakte. Een stijlvoorbeeld van hoe groot het contrast tussen online normering en de offline nuance kan zijn.
Influencers spelen daarbij heel bewust een smerig spel: ze verkopen idealen die ze zelf niet eens kunnen waarmaken. Maar ze moeten nu eenmaal steeds extremer gaan, om de aandacht vast te houden. Shockeren betaalt zich uit. Achter de meeste van die extremere content zit simpelweg een bedrijfsstrategie. Voor vele tradwives is hun verhaal geen levensstijl, maar een rol. Buiten de camera zouden heel wat tradwives een behoorlijk losgeslagen leven leiden. De manosphere verkoopt geen waarheid maar clickbait. Andrew Tate wéét hoe hij de aandacht kan trekken. Daar komt hij ook voor uit.
Ook mannen ontspringen de dans der dwazen niet. Looksmaxxing, haartransplantaties, zelfs beenverlengende operaties… het doel lijkt niet langer om er goed uit te zien, maar om te lijken op één digitaal ideaalbeeld. Een soort van avatar die vooral veel geld opbrengt. En het doel mag al eens de middelen heiligen. Met hoog in de pop-poll: de bonesmashing, waarbij mensen met harde voorwerpen, zoals hamers of stenen, op hun gezichtsbeenderen slaan. Ze hopen zo na botgenezing een scherpere kaaklijn of bredere jukbeenderen te krijgen.
Je vraagt je af wie het in zijn hoofd haalt op zijn eigen kop te motten. Daarom liet ik het deze week door iemand anders doen. Ik durfde het zelf niet. Maar ik moet tenslotte toch een béétje met dat mandom mee.
Vindt u deze blog wel wat hebben? Geef hem onderaan een hartje!
Delen op Facebook of X kan ook: klik op de knop linksonder en klaar.
Wilt u graag reageren? Dat kan beneden op deze pagina (opgelet: uw reactie is zichtbaar).

2026, 29 juni, Leuven (Ladeuzeplein) (België). Model: Nausikaä Droste




Opmerkingen