• Joost Elli

Gigippe

Gigippe groet nooit. Mij niet tenminste. Hij heet natuurlijk niet echt Gigippe, dat zou hem wat belachelijk maken. Maar zijn echte naam kan ik niet niet noemen. Want hij kent mij. Ook al doet hij van niet.


Ik kruis Gigippe een dag op twee, ik wandel elke dag. Op zijn minst zou ik voor hem toch iemand moeten zijn die ‘hij kent van zien.’ Maar hij groet nooit. Ik van mijn kant, ken Gigippe al lang. We stonden samen aan de poort van de kleuterschool. Onze dochters zaten jarenlang in dezelfde klas en zijn nog steeds goede vriendinnen. Het doet me altijd een beetje pijn als Gigippe niet terug dag knikt. Ik ben het stilletjes aan het opgeven. Als Gigippe mij niet wenst te groeten, dan zal ik daar moeten mee leven.


Nadat hij mij heeft genegeerd ga ik altijd op zoek naar oorzaken. Ik zoek een groot glasraam om na te gaan of er soms iets aanstootgevends is aan mijn voorkomen. Of ik er soms, buiten mijn wil om, bijloop als iemand die ik niet heb gewild te zijn. Ik draag nooit, zoals Gigippe, een zogeheten herenshort , het soephemd uit de broek met daaronder stevige wandelschoenen. Ik heb steevast, ongeacht het weer, een blazer aan. Onze stijl verschilt dus nogal en misschien is het dat. Mogelijk ziet Gigippe mij wel als een mannetje van het Vlaams Belang … Ik ben ook een roker, ik weet dat er vrouwen zijn die het een afknapper vinden. Maar daar kan Gigippe toch niet om malen …


Gigippe staat nochtans elke avond mee op straat om te klappen voor de zorg. Hij hoort zelfs bij een geïmproviseerd straatorkestje dat dagelijks, ongevraagd en uitsluitend uit dankbaarheid, een lovend lied brengt. Hij is dan de fotograaf. In zijn baan bij de provincie tracht hij minderheidsgroepen bij elkaar te brengen. Op zijn ramen zijn hoopgevende quarantekeningen aangebracht, type ‘samen komen we erdoor.’ Maar als het van Gigippe afhangt hoor ik daar kennelijk niet bij. En, Gigippe, dat kwetst me.


18 weergaven

Gerelateerde posts

Alles weergeven