• Koen Vandenborre

Kozijnen aan de kant van Marcel

Kessel-Lo, 12 maart 2021


Dag Joost

Er was eens Marcel. Marcel wilde schrijver worden. Dat deed hij door het schrijven als een roeping te zien en op een unieke manier te observeren, door minutieus te onderzoeken wat waarde had in het leven, en meer in het bijzonder wat de waarde was van kunst. [Spoileralert] 3000 pagina’s later was Marcel schrijver.

Marcel is geen uitzondering. Schrijver worden, is een vaak gekoesterde ambitie. Voor velen ligt de aantrekkelijkheid vooral in de reputatie en prestige die men de schrijver toedicht. Het schrijven zelf wordt vaak als een last beschouwd, een vervelende bijkomstigheid. Voor een minderheid is het schrijven op zich de essentie.

Maar hoe doe je dat, schrijven als een schrijver? Hoe pak je dat aan? Wat zijn de noodzakelijke voorwaarden? Ik weet niet of ik het geduld van Marcel kan opbrengen om daar achter te komen. Misschien moeten we gewoon stelen als de raven en zien hoever we komen in de ontwikkeling van een eigen stem. Misschien moeten we gewoon ergens beginnen en zien waar het ons brengt.

Er is een tijd geweest dat ik brieven schreef met de hand. Sommige schrijvers, zoals Jeroen Brouwers, zweren nog steeds bij het handschrift, het contact van pen of potlood op een wit blad, het etsen van gedachten op papier, de enige drager overigens die gevoelig genoeg is om de nuances van de gezette letter mee vast te leggen. Handschrift zou voor een intensere relatie met taal zorgen en een ander (authentieker?) denkproces op gang brengen. Spreek die man maar eens tegen, wanneer zinnen als “Schrijven, doe je in je blote kont (JB) uit zijn vulpen vloeien. Er valt wel iets voor te zeggen. Tenslotte is het de meest directe en persoonlijke manier om het geproefde woord fysiek weer te geven. Het dwingt – vermoed ik – ook tot meer ernst en helderheid bij het vormen van gedachten alvorens ze neer te schrijven. De geest zuivert zichzelf van ballast door al te schrappen vóór het schrijven. De “moderne schrijver” lijkt alles gewoon uit te storten in zijn document en gaat zich pas dan afvragen hoe hij/zij/hen die krakkemikkige eerste versie kan bijschaven tot een leesbaar manuscript.

Anderen, zoals badass Charles Bukowski, verkozen de typewriter boven het potlood. Wanneer je woorden met de explosieve kracht van een jachtgeweer op papier blaast, is dat ongetwijfeld een betere keuze dan een breekbare potloodpunt; of wat dacht je van: “Find what you love and let it kill you.” (CB), tegen dat soort woordkracht lijkt broos schrijfgerei veel minder opgewassen. Voeg daar nog oeverloos drank- en druggebruik aan toe, en je begrijpt dat er ijzer, rubber, bakeliet en een stevig lint nodig is om de inspiratie van sommige schrijvers te vangen.

De mitrailleur van de ratelende typewriter waarbij het ritme van de rikketikkende letterhamertjes aangeeft hoe geïnspireerd de schrijver zich die dag voelt, is aan mij niet besteed. Ik mis de geoefende aanzet, kracht en souplesse van een volleert pianist om adequaat en up tempo de toetsen aan te slaan. Bij mij zou het eerder klinken als een waterpistool.

Misschien kom ik er ooit opnieuw toe om op ambachtelijke wijze mijn vertelsels aan iets tastbaar toe te vertrouwen, maar voor nu kies ik uit gemakzucht voor het computerklavier. Het past beter bij mijn huidige temperament – misschien is dat te vleiend uitgedrukt en is bij mijn chaotische manier van werken een beter omschrijving.

Wat het schrijven zelf betreft, dat doet de echte schrijver altijd uit noodzaak. Het is geen garantie voor kwaliteit, maar op zijn minst een goed begin. Iets dringt zich op, het moet geschreven worden. Gedachten en gevoelens verlangen naar één of andere vorm van registratie. Om het met een gemeenplaats te zeggen: jij kiest je onderwerp niet, je onderwerp kiest jou. Dat is al zo sinds de mens de wereld als groter dan zichzelf is gaan zien. Waarom zou je anders een geverfde hand tegen de wand van een grot drukken?

Maar het is niet louter een vorm van copy-paste; niet gewoon: idee naar hand, hand naar papier, klaar. Het schrijven (de daad dus) voegt toe, kneedt, schrapt, brengt nieuwe inzichten aan, en als je echt geluk hebt, vind je een gezichtspunt dat verrast. Als je dat dan vervolgens op een frisse manier weet te verwoorden, bestaat zowaar de kans dat je de lezer weet vast te grijpen en (nog belangrijker) weet vast te houden.

Dat brengt ons bij stijl. Die is minstens zo belangrijk als het verhaal zelf. De stijl is deel van het verhaal. Die kan lyrisch zijn, maar evengoed “onzichtbaar”. Zie het als een extra personage. Wie wil schrijven, kan maar beter oog hebben voor de stijl van anderen. Daarmee bedoel ik niet het zich schaamteloos toe-eigenen van iemands stijl, maar er is niets mis met kijken in de gereedschapskist van sterke verhalenvertellers. Denk dan aan instrumenten als tempo, zinslengte, woordkeuze, beeldspraak, structuur, etc.

Uiteindelijk zit originaliteit niet (alleen) in iets volstrekt nieuw, maar in een eigen synthese van alles wat je onderweg hebt opgepikt. Men zegt weleens dat we op de schouders van reuzen staan. We hoeven dus niet alles opnieuw uit te vinden. Soms zijn dat kleine reuzen. Alle beetjes helpen.

Het moeilijkste moment is – denk ik – het punt waarop je een eigen stijl vindt, maar nog niet het zelfvertrouwen hebt om er vol voor te gaan. Het is het punt waarop mensen misschien zullen zeggen: ja, hij heeft talent, maar … Het risico is natuurlijk dat jouw stijl niet onmiddellijk aanslaat, waardoor je gaat twijfelen en teruggrijpt naar wat volgens jouw wel “goed” werkt. Alleen zullen lezers dan vaak het gevoel hebben dat ze je werk al eens eerder hebben gelezen; eerder en bijna altijd beter.

Zo Joost, deze noodzaak is hiermee ook weer neergeschreven. Hopelijk heb ik je kunnen vasthouden. Moest je echter het gevoel hebben dit allemaal al wel eens eerder te hebben gelezen, maar dan beter (bijvoorbeeld in A la recherche du temps perdu), dan neem ik je dat vanzelfsprekend niet kwalijk. Ik zou het koesteren.

Ik denk dat ik maar eens vroeg naar bed ga. Na een koekje gesopt te hebben in mijn thee natuurlijk. Slaapwel!

Je kozijn

Koen


28 keer bekeken

Recente blogposts

Alles weergeven

Raam-kozijn

Ob-La-Di